In een managementovereenkomst die hij zelf opstelt en ondertekent neemt een bestuurder een hoger uurtarief op dan opgenomen in een aandeelhoudersbesluit. De BV hoeft een eindfactuur op basis van dit verhoogde tarief niet aan de bestuurder te betalen, aldus de rechtbank Noord-Holland.
Een man wordt in de algemene vergadering van aandeelhouders van een BV aangesteld als bestuurder van die BV tegen een uurtarief van € 30. In de managementovereenkomst staat dat zijn uurtarief na drie maanden wordt verhoogd tot € 95. Deze managementovereenkomst is door hem zelf gemaakt en door hem ondertekend, namens zichzelf en namens de BV.
Eindfactuur
De bestuurder gaat aan de slag en declareert zijn werkzaamheden tegen € 30 per uur. Op enig moment neemt hij ontslag. Twee maanden daarna stuurt hij een eindfactuur van ongeveer € 71.000. Volgens de bestuurder had hij dit nog tegoed op basis van het uurtarief van € 95. De BV betaalt de factuur, met goedkeuring van de enige aandeelhouder van de BV. De bestuurder maakt het bedrag naar zichzelf over, met de bankpas van de BV die hij nog in bezit had.
Faillissement
Als de BV later failliet gaat, wil de curator dat de bestuurder die € 71.000 terugbetaalt. Hij had hier volgens de curator geen recht op, omdat er geen aandeelhoudersbesluit is genomen voor het verhoogde tarief, de BV niet is gebonden aan de alleen door de bestuurder ondertekende managementovereenkomst en de bestuurder niet bevoegd was na zijn ontslag een betaling aan zichzelf te doen. De curator en de bestuurder komen tot een minnelijke regeling, zonder bemoeienis van de BV, op basis waarvan de bestuurder € 50.000 terugbetaalt aan de boedel.
Niet afdwingbaar
Voor de rechtbank Noord-Holland vordert de man dit bedrag van € 50.000 weer terug van de BV. Maar de rechtbank gaat niet met hem mee. Volgens de rechtbank bestond geen afdwingbare afspraak tussen de man en de BV tot verhoging van het uurtarief, omdat de managementovereenkomst door de man zelf werd opgesteld en niet aan de BV is voorgelegd. Het hogere uurtarief is nooit voorgelegd aan de ava, terwijl dat wel nodig was. Ook mondeling is er nooit een afspraak gemaakt over de verhoging van het uurtarief. De man had gezien zijn ruime ervaring als interim-manager in het bedrijfsleven moeten weten dat voor de verhoging van zijn uurtarief een aandeelhoudersbesluit nodig was. Daarbij is de BV met de betaling van € 71.000 een eventuele verplichting al nagekomen. De BV kan niet aansprakelijk worden gehouden voor het feit dat de bestuurder, zonder de BV daarbij te betrekken, op een later moment een minnelijke regeling heeft getroffen met de curator. De BV hoeft niets te betalen aan de man.